Aan dezelfde tafel

Tijdens de ramadan hoort bij zonsondergang een volle tafel. In Theater Rotterdam (zie ook dit item NPO radio 1) zat die tafel dit keer vol met queer moslims. Een iftar dus: de maaltijd waarmee het vasten wordt gebroken. Ditmaal georganiseerd door en voor mensen die zich zowel moslim als LHBTQ+ voelen. Een combinatie die mogelijk vragen oproept.

De iftar is voor veel moslims een moment van samenkomen. Familie, vrienden en buren schuiven na een dag vasten aan tafel. Het draait om gemeenschap: eten delen, verhalen uitwisselen, elkaar weer zien. Een queer iftar voegt daar een extra laag aan toe.

In het publieke debat worden islam en LHBTQ+ namelijk vaak tegenover elkaar gezet. Discussies gaan dan al snel over botsende waarden, alsof religie en seksuele of genderidentiteit elkaar per definitie uitsluiten. Maar voor sommige mensen bestaat die tegenstelling simpelweg niet. Moslim én queer kunnen ook samen. Niet als theorie, maar als dagelijks leven.

Ik kan me voorstellen dat zo’n samenzijn voor veel aanwezigen meer is dan alleen een maaltijd. Misschien ook een moment van herkenning. Even niet hoeven uitleggen wie je bent. Gewoon aanschuiven, praten, eten Dat klinkt vanzelfsprekend, maar dat is het niet altijd. Binnen religieuze gemeenschappen kan seksuele diversiteit gevoelig liggen. Tegelijk voelen queer moslims zich ook niet altijd vanzelfsprekend thuis binnen de bredere LHBTQ+-gemeenschap.

Dat is misschien precies waarom dit soort initiatieven betekenis krijgen. Niet als groot statement, maar als plek waar mensen elkaar kunnen ontmoeten. Samen eten, met elkaar praten en verhalen vertellen die anders misschien moeilijker worden gedeeld.